Voor de mosselen: 1 kg moselen 1 glas witte wijn 1 preitje peper sjalotjes 150 gr zachte boter 5 eetlepels gehakte peterselie het sap van 1 citroen zout 1 maiskolf 1 eetlepel boter
Voor de slakken: 48 slakken (blikje) met (losse) huisjes 250 gr zachte boter 1 bosje gehakte peterselie 9 teentjes knoflook 2 theelepels citroensap zout, peper
Voor de dillesaus: 5 eetlepels mayonaise 5 eetlepels creme fraiche het sap van 1/2 citroen 2 bosjes gehakte dille de rasp van 1/2 citroen zout, peper
Was de mosselen zorgvuldig en kook ze op hoog vuur samen met de wijn, de gehakte prei en versgemalen peper. Neem de mosselen, als ze zijn opengegaan, uit de pan en laat ze afkoelen. Neem ze vervolgens uit de schelp en verdeel over bijvoorbeeld 6 lege St-Jacobsschelpen. Rasp de sjalotjes en vermeng ze met de boter. Breng op smaak met de peterselie, het citroensap, zout en peper. Verdeel de boter over de mosselen. Smeer de maiskolf met de boter in en leg hem, evenals de mosselschelpen, 12 minuten op de barbecue. Keer de maiskolf af en toe. Snijd de maiskolf in plakken en geef die bij de moselschelpen. Stop de slakken in de huisjes en voeg eventueel wat van het vocht uit het blikje toe. Meng de boter met de peterselie, de gehakte knoflook en het citroensap en voeg naar smaak zout en peper toe. Smeer de slakkenhuisjes dicht met de kruidenboter en zet ze op het rooster van de barbecue. Laat de slakken op de barbecue staan tot de boter begint te bruisen. Maak intussen de dillesaus. Roer de mayonaise glad met de craime fraiche en het citroensap en breng op smaak met de dille, de citroenrasp, zout en peper. Serveer de saus bij de slakken.