4 eieren ½ tl kerriepoeder zout, versgemalen peper 3 el boter 400 g roerbakgroenten paddenstoelen 125 g spekjes
Klop 4 eieren met 4 el water en ½ tl kerriepoeder los en breng het mengsel op smaak met peper en zout. Verhit 2 el boter in een koekenpan en roerbak 400 g groenten ca. 3 min op hoog vuur met wat zout en peper. Haal de groenten uit de pan en bak 125 g spekjes knapperig. Haal de spekjes uit de pan en houd ze met de groenten warm onder een stuk aluminiumfolie. Bak van het mengsel 1 grote of 4 kleine platte omeletten. Smelt voor 1 grote omelet 1 el boter in een grote koekenpan en laat het eimengsel in de pan glijden. Leg een deksel op de pan en laat de omelet in ca. 7 minuten op een laag vuur gaar worden zonder te keren. Laat de omelet op een groot bord glijden, verdeel het groentemengsel met de spekjes over 1 helft van de omelet en klap voorzichtig de andere helft erover.