1 kilo paling 20 gepelde sjalotjes 20 gram boter 1 eetlepel olie zout en peper 1 glas witte wijn 2 deciliter water 10 gram meel 1 eetlepel zure room 1 eetlepel gesneden bieslook
Stroop het vel van de paling. Snijd de paling in stukjes van vijf centimeter. Smelt tien gram boter samen met de olie in een pan. Bak hierin de stukjes paling en de sjalotjes tot ze enigszins beginnen te kleuren. Strooi er peper en zout over. Giet de wijn en het water er bij. Doe een deksel op de pan en stoof de paling en de uitjes gaar. Neem zee uit de pan. Vermeng tien gram boter met het meel. Roer dit mengsel in kleine klontjes door het stoofvocht. Roer ook de zure room er door. Laat dit een paar minuten zachtjes koken. Doe de paling en de sjalotjes terug in de saus. Strooi de bieslook er bij en laat alles nog een minuutje stoven.